Extra centje voor scholieren en studenten

In de zomer hebben de scholieren en studenten wat meer tijd over en verdienen ze graag wat bij door als vakantiekracht op verschillende plekken ingezet te worden. Wist u dat u, als ondernemer, deze groep wat makkelijker kunt maken?

Als u gebruik maakt van de studenten- en scholierenregeling, kunt u bij het berekenen van de in te houden loonheffing uitgaan van een periode van een kwartaal, in plaats van het werkelijke loontijdvak. Hierdoor hoeft u minder of helemaal geen loonheffing in te houden, waardoor er wat meer netto overblijft voor de student of scholier. Daarbij komt dat hij of zij niet tot na afloop van het jaar hoeft te wachten om de ingehouden loonheffing terug te vragen.

Voor lagere inkomens tot €20.384 bruto bedraagt de algemene heffingskorting in 2019 €2.477. Studenten en scholieren die een laag inkomen hebben, betalen hierdoor dus geen belasting. Op de te betalen belasting komt namelijk €2.477 in mindering, de arbeidskorting nog niet eens meegerekend. Zonder toepassing van de studenten- en scholierenregeling moet u op een brutoloon van bijvoorbeeld €800 per maand circa €73 aan loofheffing inhouden, de bedrijfstakinhoudingen daargelaten. Voor de student of scholier die twee maanden vakantiewerk verricht tegen dit loon, scheelt het per saldo €146, wat voor hen zeker de moeite waar is.

U kunt de regeling alleen toepassen als de student of scholier hierom verzoekt. Voordat uw vakantiekracht begint met werken, moet hij of zij het ingevulde formulier bij u inleveren. Daar wordt bij gevraagd of hij nog bij meer werkgevers werkt. Zo ja, kan er maar bij 1 werkgever gebruik worden gemaakt van de heffingskorting.