Corona informatiepagina

Deze webpagina wordt gedurende de dag geactualiseerd zodra er nieuws is. Bent u eerder op deze pagina geweest, dan ziet u de wijzigingen wellicht niet. Ververs de pagina (druk op F5) om de nieuwste versie te zien.
Laatste update 28 mei 10:28 uur

Coronavirus: maatregelen voor banen en economie

Het kabinet heeft besloten om vanwege het coronavirus uitzonderlijke economische maatregelen te nemen. Doel is om naast onze gezondheid ook onze banen en inkomens te beschermen en de gevolgen voor zzp’ers, mkb-ondernemers en grootbedrijven op te vangen.

De maatregelen:

1. Noodloket:
FASE 1 : 4000 euro per ondernemer

Voor wie bedoeld?

Hoort uw onderneming bij die sectoren die het meest zijn geraakt door de Kabinetsmaatregelen rond het coronavirus (COVID-19)? Lijdt u schade door de noodgedwongen sluiting, de inperking van bijeenkomsten en/of het negatieve reisadvies buitenland? Dan kunt u via de Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19 een eenmalige tegemoetkoming van € 4.000 ontvangen.

Ondernemers zijn vrij in het doel van besteding. De regeling staat open voor een specifieke groep ondernemers. Of u in aanmerking komt wordt bepaald van uw SBI-code. De SBI-code van uw hoofdactiviteit staat in het Uittreksel Handelsregister van uw KVK-inschrijving. Staat uw branche er niet bij en heeft u uw activiteiten moeten staken vanwege de 1,5 metergrens, meldt dit dan bij RVO.

Hoe aan te vragen?

Voorwaarden voor aanvraag:
Naar de goede SBI-code zijn er enkele aanvullende voorwaarden waar aan voldaan moet worden om in aanmerking te komen voor TOGS.

  • Volgens de inschrijving bij de KVK mogen bij uw onderneming maximaal 250 mensen werken;
  • De onderneming heeft een fysieke vestiging in Nederland die is geregistreerd bij de KVK;
  • Niet-horecaondernemingen moeten verklaren minstens één vestiging te hebben buiten het privéadres van de eigenaar/eigenaren. Het privéadres van de eigenaar/eigenaren mag dus niet gelijk zijn aan het vestigingsadres;
  • Horecaonderneming met SBI-code 56.10.1, 56.10.2 en 56.30 mogen wel zijn gevestigd op het privéadres van de eigenaar/eigenaren. Zij moeten echter wel verklaren in elk geval één horecagelegenheid te huren, pachten of in eigendom te hebben;
  • De onderneming mag niet failliet zijn en er mag geen surséance van betaling zijn aangevraagd bij de rechtbank;
  • Er moet worden verklaard dat een omzetverlies wordt verwacht van minimaal € 4.000 in de periode 16 maart 2020 t/m 15 juni 2020. Ook moet worden verklaard dat in deze periode minimaal € 4.000 aan vaste lasten wordt verwacht, na aftrek van andere steunmaatregelen van de overheid;
  • U mag in 2018, 2019 en 2020 niet meer dan € 200.000 aan overheidssteun hebben ontvangen.

Download hier uw machtigingsformulier.

FASE 2: Tegemoetkoming vaste lasten MKB

Berekening van de tegemoetkoming
MKB-ondernemers in onder meer de horeca, recreatie, evenementen, kermissen, podia en theaters krijgen – bovenop de tegemoetkoming loonkosten (NOW) – een belastingvrije tegemoetkoming van het ministerie van EZK om hun vaste materiële kosten te kunnen betalen. Bedrijven krijgen afhankelijk van de omvang van het bedrijf, de hoogte van de vaste kosten en de mate van omzetderving een tegemoetkoming voor hun vaste lasten tot een maximum van 50.000 euro voor de komende drie maanden. Er is één miljard euro beschikbaar als tegemoetkoming voor deze ondernemingen waar meer dan 800.000 mensen werken. In aanmerking komen de getroffen sectoren uit de TOGS-regeling.

Aanvragen van de subsidie
Op dit moment is nog niet bekend hoe deze nieuwe regeling kan worden aangevraagd. Zodra dit bekend wordt, wordt deze webpagina bijgewerkt.

2. Instellen tijdelijke regeling tegemoetkoming loonkosten (ministerie van SZW)

Voor wie bedoeld?

Berekening van de tegemoetkoming
De subsidie bedraagt maximaal 90% van de loonsom over de driemaandsperiode maart 2020 tot en met mei 2020. Voor de loonsom wordt van het socialeverzekeringsloon uit tegenwoordige dienstbetrekkingen uitgegaan. Ook aanvullende lasten en kosten zoals werkgeverspremies en werknemersbijdragen aan pensioen en de opbouw van vakantiebijslag worden gecompenseerd. Ter bespoediging van de aanvraagprocedure is gekozen voor een opslag voor werkgeverslasten van 30% voor alle gevallen.

De subsidie wordt gerelateerd aan het percentage van de omzetdaling. Het percentage van 90% van de totale loonsom is een maximumpercentage dat zal worden uitbetaald bij een omzetdaling van 100%. Is de omzetdaling lager, dan zal de subsidie evenredig lager worden vastgesteld.

De omzetdaling van minimaal 20% moet zich voordoen over een driemaandsperiode waarvan de startdatum valt op de eerste dag van de maanden maart, april of mei 2020. De omzet in deze meetperiode wordt vergeleken met de omzet van januari tot en met december 2019, gedeeld door vier. Als een werkgever op 1 januari 2019 nog niet bestond, geldt een afwijkende omzetbepaling.
Met een meetperiode van drie maanden voor de omzetdaling wordt voorkomen dat een vrij beperkte en kortdurende daling van de omzet al in aanmerking komt voor een subsidie uit hoofde van de NOW. Het kan desondanks voorkomen dat de gebruikte tijdvakken voor 2019 niet representatief zijn, bijvoorbeeld door groei van de onderneming of seizoenspatronen. Gegeven de benodigde eenvoud van de regeling, welke noodzakelijk is om op zeer korte termijn zeer veel aanvragen te kunnen behandelen, is een correctie daarvoor niet mogelijk.

Voor werkgevers die bestaan uit één rechtspersoon of natuurlijk persoon gaat het om de (verwachte) omzetdaling op het niveau van de natuurlijke persoon of rechtspersoon. Als sprake is van een samenstelling van rechtspersonen geldt de omzetdaling op concernniveau; daarmee wordt zo goed mogelijk aangesloten bij het verband tussen de omzetdaling en inzet van personeel en bij wat het in jaarrekeningenrecht gebruikelijk is. Verkregen subsidies en andere bijdragen uit publieke middelen, zoals bijvoorbeeld het geval is bij scholen en culturele instellingen, worden gelijkgesteld met omzet.

Aanvragen van de subsidie
Hierboven is uiteengezet hoe de omzetbepaling berekend zal worden. Aan de voorkant zal, bij de aanvraag van de subsidie, een hanteerbare uitvraag met uitleg plaatsvinden. Werkgevers dienen, naast het opgeven van gegevens als bedrijfsnaam en loonheffingennummer, de volgende stappen te doorlopen:

  • De werkgever vraagt subsidie aan voor de loonsom in maart, april en mei in verband met een terugval in omzet van meer dan 20%.
  • Als de werkgever verwacht dat het effect van de huidige situatie pas met vertraging in de omzetcijfers zichtbaar wordt, kan de werkgever aangeven dat hij de meetperiode voor de omzetvergelijking één of twee maanden later wil laten aanvangen. De loonsom blijft ook in deze gevallen de loonsom van maart, april, mei 2020.
  • De werkgever noteert de verwachte omzet in de drie maanden van de door gekozen meetperiode en vergelijkt deze met de totale omzet in 2019, gedeeld door vier, zodat beide cijfers zien op een omzet over drie maanden.
  • Op basis daarvan berekent de werkgever het omzetverlies in procenten. Dat percentage wordt op het aanvraagformulier ingevuld

Voor bijzondere situaties (het bedrijf bestond niet gedurende geheel 2019; het bedrijf maakt onderdeel uit van een groter geheel), bevat de nadere toelichting op het formulier aanwijzingen voor de juiste berekening van het omzetverlies.

Sommige werkgevers hebben meerdere loonheffingsnummers. Als deze werkgever voor zijn gehele loonsom in aanmerking wil komen voor subsidie, zal de werkgever meerdere aanvragen moeten indienen, namelijk per loonheffingennummer. De werkgever dient wel de omzetdaling op te geven die hij voor de gehele onderneming verwacht; hij vult dus bij elke aanvraag dezelfde omzetdaling en dezelfde meetperiode in.

Realisatie van subsidie.
Nadat positief op de aanvraag is beslist, zal UWV een voorschot verlenen van 80% van de subsidie zoals deze wordt berekend op basis van de bij de aanvraag geleverde gegevens over de verwachte omzetdaling. Gegevens over de loonsom baseert UWV op de polisadministratie, waarbij als uitgangspunt de maand januari 2020 wordt genomen. Voor UWV geldt een beslistermijn van 13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag. De betaling van het voorschot vindt plaats in drie termijnen. In de praktijk wordt ernaar gestreefd de betaling van de eerste termijn van het voorschot te laten plaatsvinden binnen 2-4 weken.

Afrekening van de subsidie
Binnen 24 weken na afloop van de periode waarover de NOW is toegekend dient de werkgever vaststelling van de subsidie aan te vragen. In beginsel is hierbij een accountantsverklaring vereist. Er wordt naar gestreefd om binnen vier weken na publicatie van de regeling duidelijkheid te geven onder welke grens een accountantsverklaring niet is vereist. De regeling kan op dat punt nog worden aangepast. Binnen 22 weken na ontvangst van deze aanvraag zal UWV de definitieve subsidie vaststellen. Bij de afrekening kan sprake zijn van een nabetaling of, als bijvoorbeeld om het omzetverlies lager is uitgevallen, terugvordering.
 
Voorwaarden deelname aan de regeling
Aan deelname aan de regeling zijn, gelet op het doel ervan – behoud van banen – een tweetal belangrijke voorwaarden verbonden: de inspanningsverplichting om de loonsom zoveel mogelijk gelijk te houden en de voorwaarde om gedurende de periode waarvoor subsidie ontvangen wordt geen ontslagaanvraag te doen wegens bedrijfseconomische omstandigheden.

a) Inspanningsverplichting om de loonsom zoveel mogelijk gelijk te houden
Om in aanmerking te komen voor subsidie wordt verwacht dat de werkgever zich inspant om de loonsom zoveel mogelijk gelijk te houden en werknemers dus door te betalen. Een daling van de loonsom zal dan ook gevolgen hebben voor de hoogte van de uiteindelijke subsidie waar de werkgever aanspraak op kan maken. Er worden immers minder mensen doorbetaald of de hoogte van de loonsom is neerwaarts bijgesteld, dus neemt ook de tegemoetkoming in de loonkosten af.

b) Geen ontslagaanvraag wegens bedrijfseconomische redenen Uitgangspunt van de NOW is dat via deze regeling zoveel mogelijk werkgelegenheidsverlies wordt voorkomen. Om die reden wordt van de werkgever verlangd zich er bij de aanvraag van de NOW aan te committeren, geen ontslag wegens bedrijfseconomische redenen aan te vragen voor zijn werknemers gedurende de periode waarover hij de tegemoetkoming ontvangt.7 Van de werkgever wordt dan ook verwacht dat hij in de periode van 18 maart tot en met 31 mei 2020 bij UWV geen verzoek doet om toestemming te verkrijgen voor opzegging van een arbeidsovereenkomst wegens bedrijfseconomische redenen. De voorwaarde geldt niet voor ontslagaanvragen die bij het UWV zijn ingediend in de periode van 1 maart tot en met 17 maart.
Indien toch ontslag wordt aangevraagd en deze aanvraag niet (of niet tijdig) is ingetrokken, wordt bij de vaststelling van de subsidie een correctie doorgevoerd. Bij de vaststelling van de subsidie wordt vastgesteld wat het loon is van de werknemers voor wie ontslag is aangevraagd. Dit loon wordt vervolgens verhoogd met 50%. Dit loon plus de vermeerdering van 50% wordt in mindering gebracht op de totale loonsom waarop de uiteindelijke hoogte van de subsidie wordt gebaseerd. Hiermee wordt tot uitdrukking gebracht dat niet-naleving van de voorwaarde om geen ontslag aan te vragen gevolgen heeft voor de hoogte van de subsidie.

FASE 2:

Een ondernemer die minstens 20% omzetverlies verwacht, kan vanaf 6 juli 2020 een tegemoetkoming in de loonkosten aanvragen bij UWV voor juni, juli en augustus. Hierdoor kunnen bedrijven hun personeel doorbetalen. De verlengde NOW-regeling hanteert dezelfde systematiek van tegemoetkoming, maar de nieuwe regeling bevat ook wijzigingen.

De vaste (forfaitaire) opslag wordt verhoogd van 30 naar 40 procent. Daarmee levert de NOW ook een bijdrage aan andere kosten dan de loonkosten. De referentiemaand voor de loonsom wordt maart 2020. Daarnaast wordt in de al lopende NOW-regeling maart ook als uitgangspunt genomen als de loonsom in de maanden maart-mei hoger is dan in januari-maart. Dit is van belang voor seizoensgebonden bedrijven. Verder mag een bedrijf dat gebruik maakt van de NOW over dit jaar geen winstuitkering aan aandeelhouders doen, geen bonussen aan het bestuur en de directie uitkeren en geen eigen aandelen inkopen.

In de NOW 2.0 blijft de correctie op de subsidie bij ontslag bestaan. Bedrijven verklaren bij de nieuwe NOW-aanvraag wel dat zij overleggen met vakbonden als zij voor meer dan 20 medewerkers bedrijfseconomisch ontslag willen aanvragen. Dit sluit aan bij de regelgeving rondom collectief ontslag. Ook blijft de wettelijke bescherming bij ontslag gewoon van kracht. Als een werkgever twintig of meer mensen ontslaat zonder overleg met de vakbonden of de ondernemingsraad, dan moet de subsidie worden terugbetaald plus een boete van 5 procent over de totale loonsubsidie.

Werkgevers die de NOW aanvragen, worden verplicht om hun werknemers te stimuleren om aan bij- en omscholing te gaan doen. Werkgevers leggen hier bij aanvraag van de NOW 2.0 een verklaring over af. Ter ondersteuning van initiatieven van sociale partners trekt het kabinet daarvoor 50 miljoen euro uit via het crisisprogramma ‘NL leert door’ waarmee mensen vanaf juli kosteloos online scholing en ontwikkeladviezen kunnen volgen om zich aan te passen aan de nieuwe economische situatie.

3. Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo)

FASE 1:

Voor wie bedoeld?

De tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers staat open voor zelfstandig ondernemers, waaronder zzp’ers, die in de knel komen door de coronacrisis.

Er zijn 2 vormen van ondersteuning mogelijk:

  • Maximaal 3 maanden inkomensondersteuning tot aan het sociaal minimum
  • Daarnaast kan een lening voor bedrijfskapitaal worden aangevraagd

De regeling geldt voor zelfstandig ondernemers en bedraagt maximaal € 1.500,31 netto per maand. De regeling is gebaseerd op de al bestaande Bbz (Besluit bijstandverlening zelfstandigen), maar wordt sneller behandeld en verstrekt. Deze voorziening heeft tijdelijk soepele voorwaarden vanwege de bijzondere situatie waarin Nederland verkeert: de inkomensondersteuning voor levensonderhoud hoeft bijvoorbeeld later niet te worden terugbetaald. Daarnaast kan een lening voor bedrijfskapitaal worden aangevraagd.
De Torzo geldt vooralsnog voor 3 maanden, tot 1 juni 2020 en wordt uitgevoerd door de gemeente waar de ondernemer woont. De regeling werkt terug tot 1 maart. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid werkt de regeling verder uit met o.a. de Vereniging van Nederlandse Gemeenten.
Ondersteuning kun je aanvragen in de vorm van een aanvullende uitkering voor levensonderhoud en/of voor bedrijfskapitaal. De regeling is gebaseerd op de al bestaande Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) en wordt uitgevoerd door gemeenten. Daar kun je dus terecht voor je aanvraag. Het gaat daarbij om de woongemeente, niet de gemeente waar je bedrijf is gevestigd.

Deze tijdelijke regeling houdt het volgende in:

  • De toets op levensvatbaarheid wordt niet toegepast, waardoor een snelle behandeling van aanvragen mogelijk is.
  • Binnen 4 weken wordt voor een periode van maximaal 3 maanden inkomensondersteuning voor levensonderhoud verstrekt. Daarbij kan er met voorschotten worden gewerkt.
  • De hoogte van de inkomensondersteuning is afhankelijk van het inkomen en de huishoudsituatie maximaal € 1.503,31 per maand.
  • Deze versnelde procedure geldt ook voor aanvragen voor een lening voor bedrijfskapitaal tot maximaal € 10.157.
  • De inkomensondersteuning voor levensonderhoud hoeft later niet terugbetaald te worden. Er is in deze tijdelijke regeling geen sprake van een vermogens- of partnertoets.
  • Bij de verstrekking van een lening voor bedrijfskapitaal wordt de mogelijkheid tot uitstel van de aflossingsverplichting opgenomen.
  • Bij de verstrekking van een lening voor bedrijfskapitaal geldt een lager rentepercentage dan bij de normale Bbz.

De extra tijdelijke ondersteuning voor gevestigde ondernemers is gemaakt voor zelfstandig ondernemers die in de knel komen door de coronacrisis. Het kabinet doet een moreel appel op ondernemers om zich alleen in die situatie te melden.

Meer specifiek gelden de volgende eisen:

  • Gevestigde zelfstandigen, vanaf 18 jaar tot de pensioengerechtigde leeftijd
  • Woonachtig en rechtmatig verblijvend in Nederland
  • Nederlander of daarmee gelijkgesteld
  • Het bedrijf of zelfstandig beroep wordt in Nederland uitgeoefend
  • Voldoet aan wettelijke vereisten voor de uitoefening van het eigen bedrijf, waaronder ingeschreven in het Handelsregister van KVK
  • Is vóór 17 maart 2020, 18:45 uur gestart met de onderneming en voldoet aan het urencriterium, dat wil zeggen minimaal 1.225 uur per jaar werkzaam in het eigen bedrijf of zelfstandig beroep
  • Woonachtig in de gemeente, waar aanvullende inkomensondersteuning wordt aangevraagd

Hoe vraag je aan?

De regeling is nog niet van kracht dus gemeenten kunnen nog niet beschikken. Wel kunnen zij aanvragen in behandeling nemen. Gemeenten die zzp’ers alvast willen ondersteunen in afwachting van de nieuwe regeling, kunnen dit doen door het verlenen van een voorschot.
Voor de aanvraag wordt het bestaande aanvraagformulier Bbz gebruikt. Dit dien je in bij je woongemeente, samen met een uittreksel KVK, kopieën van je identificatiebewijs, bankafschriften en de bestaande beschikkingen en brieven.
Het ministerie van sociale zaken en werkgelegenheid (SZW) werkt nu aan de regeling (AMvB) en verwacht uiterlijk 25 maart meer details te kunnen bieden. De officiële regeling zelf is er dan nog niet, vanwege de procedures die eraan verbonden zijn.

FASE 2:

Voorwaarden aan verlengde overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (TOZO)

Het kabinet verlengt de versoepelde regeling om zelfstandig ondernemers waaronder zzp’ers te ondersteunen, zodat zij een vergrote kans hebben om hun bedrijf te kunnen voortzetten. Zelfstandigen kunnen bij hun gemeente aanvullende inkomensondersteuning krijgen voor levensonderhoud. Deze vult tot eind augustus 2020 het inkomen aan tot het sociaal minimum en hoeft niet te worden terugbetaald.

De verlengde regeling bevat een partnerinkomenstoets. Dit betekent dat alleen huishoudens met een inkomen onder het sociaal minimum aanspraak kunnen maken op een tegemoetkoming in het levensonderhoud. Op deze manier wordt de ondersteuning voor levensonderhoud gericht op het garanderen van het sociaal minimum op huishoudniveau.

Ondersteuning blijft ook mogelijk in de vorm van een lening (maximaal €10.157) voor bedrijfskapitaal, tegen een verlaagd rentepercentage. Zelfstandig ondernemers wordt in de verlengde regeling gevraagd om te verklaren dat er bij hun bedrijf geen sprake is van surseance van betaling of dat het bedrijf in een staat van faillissement verkeert.

Voor ontslagen flexwerkers die niet voldoen aan de voorwaarden voor WW of bijstand werkt het kabinet op verzoek van de Tweede Kamer aan een tijdelijke en uitvoerbare oplossing. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zal de Tweede Kamer vandaag hierover apart informeren.

4. Versoepeling uitstel van betaling belasting en verlaging boetes (Belastingdienst)

FASE 1:

Voor wie bedoeld?

Getroffen ondernemers kunnen eenvoudiger uitstel van belasting aanvragen voor alle opgelegde aanslagen. U kunt dus geen uitstel vragen voor bijv. een ingediende btw-aangifte, die normaal gesproken op basis van de aangifte moet worden betaald. U dient dan te wachten op een naheffingsaanslag voordat u uitstel kunt aanvragen. Verzuimboetes worden dan alsnog ongedaan gemaakt.

U kunt nu eenvoudig voor 3 maanden uitstel aanvragen. Het volstaat dan dat u een brief stuurt waarin u verklaart dat u door de uitbraak van corona in betalingsproblemen bent gekomen. Een verklaring van een derde-deskundige (uw CijferMeester) is dan niet nodig. Uiteraard vermeld u het aanslagnummer waarvoor u uitstel van betaling aanvraagt. Invordering wordt dan gestopt en evt. opgelegde boetes wegens te laat betalen worden teruggedraaid. De invorderingsrente die normaal gesproken ingaat na het verstrijken van de betalingstermijn wordt tijdelijk verlaagd van 4% naar bijna 0%. Dit geldt voor alle belastingschulden. Ook het tarief van de belastingrente gaat tijdelijk naar bijna 0%. Deze verlaging zal gelden voor alle belastingen waarvoor belastingrente geldt. Het kabinet zal de belastingrente zo snel mogelijk aanpassen.

U kunt ook uitstel van betaling aanvragen voor een periode langer dan 3 maanden. Voor het uitstel gelden echter wel een aantal belangrijke voorwaarden. Er wordt pas uitstel van betaling toegekend als de adviseur kan motiveren dat de klant door de coronacrisis in de betalingsproblemen is gekomen. Met dit verzoek stuurt de adviseur een verklaring van een derde deskundige mee. Dit kan zijn een externe consultant, een externe financier, een brancheorganisatie, een accountant of financieel adviseur. Uit deze verklaring moet blijken dat:

  • Sprake is van werkelijk bestaande, acute betalingsproblemen (en niet om bijvoorbeeld betalingsproblemen die in de toekomst zullen ontstaan).
  • Betalingsproblemen van tijdelijke aard zijn.
  • De klant de betalingsproblemen vóór een bepaald tijdstip oplost.
  • De onderneming levensvatbaar is.

Hoe aan te vragen?


Indien u uitstel van betaling korter dan 3 maanden wenst aan te vragen, kunt u uw CijferMeester vragen dit voor u te verzorgen. Hier volstaat een eenvoudige brief Indien u langer dan 3 maanden uitstel wenst dan is een uitvoerige onderbouwing nodig. Uiteraard kan uw CijferMeester hierbij helpen.

Download hier een aanvraagformulier.

FASE 2:

Verlenging belastingmaatregelen
De periode waarin getroffen ondernemers belastinguitstel kunnen aanvragen, is verlengd tot 1 september 2020. Eventuele verzuimboetes voor het niet op tijd betalen, hoeven niet te worden voldaan. De belastingrente en invorderingsrente voor alle belastingmiddelen zijn tot 1 oktober 2020 verlaagd naar 0,01%. Ook andere belastingmaatregelen, zoals een versoepeling van het urencriterium voor zzp’ers en de betaalpauze voor hypotheekverplichtingen, worden tot 1 september 2020 verlengd.

Ondernemers krijgen bij de eerste aanvraag direct drie maanden uitstel van betaling. Voor die drie maanden hoeven ze maar één keer een verzoek in te dienen (voor uitstel van alle belastingsoorten). Ondernemers kunnen ook voor een langere periode dan drie maanden uitstel aanvragen. Daarbij is van belang dat zoveel mogelijk geld dan ook echt in de bedrijven blijft. Om dit extra te waarborgen, moeten ondernemers bij uitstel langer dan drie maanden verklaren dat ze geen dividenden en bonussen uitkeren, of eigen aandelen inkopen.

Versoepeling fiscale faciliteiten voor ondernemers.

Zelfstandigen die door de coronacrisis momenteel te weinig uren maken, houden recht op zelfstandigenaftrek. Het kabinet versoepelt het zogeheten urencriterium, zodat zzp’ers die noodgedwongen op hun handen zitten hun belastingvoordeel niet verliezen.

De Belastingdienst gaat er voor de maanden maart tot en met mei van uit dat zelfstandigen minimaal 24 uur per week werken, ook als dat feitelijk niet het geval is. De maatregel maakt deel uit van een aanvullend pakket waarmee staatssecretaris Hans Vijlbrief (Financiën, D66) vooral zzp’ers en mkb-ondernemers te hulp schiet.

Zo krijgt deze groep ook tijdelijk de mogelijkheid om zichzelf op papier een lager loon uit te keren. Normaal gesproken worden mkb’ers geacht zichzelf een minimaal salaris geven, ook als zij even geen omzet hebben. Nu ze toestemming hebben van een lager loon uit te gaan, hoeven ze ook minder belasting af te dragen. Dit betekent een voordeel van 6200 euro voor een gemiddelde ondernemer. Naar verwachting zullen rond de 135.000 ondernemers hiervan gebruik maken.

Werkkostenregeling

Voor bedrijven verhoogt het kabinet bovendien eenmalig de vrije ruimte in de werkkostenregeling, van 1,7 naar 3 procent. Dit is het deel van de totale loonsom binnen een bedrijf (met een maximum van 400.000 euro) dat belastingvrij aan het personeel uitgekeerd mag worden. ,,Werkgevers die daar ruimte voor hebben kunnen hun werknemers in deze moeilijke tijd extra tegemoet te komen, bijvoorbeeld door het verstrekken van een bloemetje of een cadeaubon”, stelt het ministerie van Financiën. ,,Dit kan ook een boost geven aan sectoren die sterk getroffen zijn door de crisis.”

Ook mogen verwachte verliezen over dit jaar alvast worden verrekend met de winst van vorig jaar, waarover winstbelasting verschuldigd is. De te betalen belasting valt daardoor lager uit, waardoor er meer geld in de onderneming blijft zitten om de lonen en andere doorlopende kosten mee te betalen. 

Aflossing op hypotheken

Directeuren-grootaandeelhouders krijgen daarnaast langer de tijd om schulden die ze bij hun eigen onderneming hebben lopen af te lossen. De aangescherpte wetgeving die al door de Kamer was aangenomen gaat een jaar later, in 2023, in. 

Tenslotte komt Vijlbrief mensen met een hypotheek tegemoet die een betaalpauze voor rente en aflossing met de bank willen afspreken. Indien zij aflossingsplichtig zijn dienen zij normaal gesproken uiterlijk volgend jaar de betaalachterstand in te hebben gelopen. Vijlbrief past de regels nu zo aan dat de achterstand over de resterende looptijd van de hypotheek mag worden uitgesmeerd. 

5. Waterschapsbelasting

Voor wie bedoeld?

Ondernemers die door de corona-crisis kunnen 3 tot 6 maanden uitstel van betaling krijgen.

Hoe aan te vragen:

Ga naar de website van uw waterschap en zoek hier de webpagina met de aanvraagprocedure.

6. Verlagen voorlopige aanslagen 2019 en 2020.

Voor wie bedoeld?

Indien er voor u een voorlopige aanslag is dan kunt u die door uw CijferMeester laten verlagen. U bent dan van resterende betalingsverplichtingen af. En als de voorlopige aanslag lager wordt dan hetgeen u reeds heeft betaald, dan wordt het verschil naar u teruggestort.

Hoe aan te vragen?


Overleg met uw CijferMeester over de mogelijkheden.

7. WW-premiedifferentiatie WAB

Voor wie bedoeld?


Volgens de per 1 januari 2020 ingevoerde regeling WW-premiedifferentiatie moeten werkgevers met terugwerkende kracht hoge WW-premie afdragen voor vaste werknemers die in een kalenderjaar meer dan 30% hebben overgewerkt. Deze bepaling kan nu tot onbedoelde effecten leiden in sectoren waar door het coronavirus veel extra overwerk nodig is (bijvoorbeeld de zorg). Het kabinet zal een aanpassing voorbereiden om deze onbedoelde effecten weg te nemen. De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) zal deze aanpassing, die voor kalenderjaar 2020 zal gelden, zo spoedig mogelijk uitwerken.
Werkgevers hebben, in het kader van de WAB, tot 1 april 2020 de tijd gekregen om een vaste arbeidsovereenkomst op schrift te stellen, om te voldoen aan de voorwaarden voor de lage WW-premie. Omdat het de komende weken niet voor alle werkgevers praktisch mogelijk zal zijn om aan die voorwaarde te voldoen, wordt deze periode verlengd tot 1 juli. Het coulanceregime, geldig voor werknemers die uiterlijk 31 december 2019 voor onbepaalde tijd in dienst waren, zal daarom gelden tot en met 30 juni 2020.

Hoe aan te vragen?
 Nog niet bekend.

8. Verruiming van de Borgstelling MKB-kredieten: BMKB

Voor wie bedoeld?

Om ondernemers die door de coronacrisis zijn getroffen te helpen zijn de regels voor de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) versoepeld. Deze aangepaste regeling is per 16 maart van kracht. Met de maatregel kunnen bedrijven onder gunstiger voorwaarden geld lenen bij de bank. De BMKB is bestemd voor ondernemingen met maximaal 250 werknemers (fte) met een jaaromzet tot 50 miljoen euro of een balanstotaal tot 43 miljoen euro.
De overheid wil met de maatregel voorkomen dat bedrijven die worden geraakt door de gevolgen van het coronavirus in liquiditeitsproblemen komen. Met de maatregel staat de overheid voor een deel garant voor bedrijven die een lening willen afsluiten, maar aan de financier (met name banken) niet genoeg zekerheden kan bieden. Hierdoor kun je als ondernemer meer lenen. Aanvragen voor BMKB kun je bij je financier indienen.

Wat houdt de regeling concreet in?

  • De overheid staat borg voor 90% van het geleende bedrag. 75% van een overbruggingskrediet kan met BMKB worden gefinancierd.
  • De persoonlijke borg van de ondernemer is verlaagd van 25% naar 10%.
  • Het kredietdeel voor risico van de bank kan in de vorm van een nieuwe lening, een nieuw rekening courant krediet (rood staan) of een verhoging van een bestaand rekening courant krediet.
  • Het maximale krediet is vastgesteld op 1,5 miljoen euro.
  • De maximale looptijd van het BMKB krediet is 8 kwartalen.
  • De manier van aflossen is de keuze van de bank.
    • De opties zijn:
    • lineair (elke keer hetzelfde bedrag + rente over het openstaande bedrag), eventueel met aflossingsvrije periode
    • ineens, aan het einde van de looptijd
  • De toets op een tekort aan zekerheden is bij inzet BMKB niet aan de orde.

Hoe aan te vragen?


Aanvragen van de regeling doe je niet zelf, maar je kunt een geaccrediteerde financier vragen van de regeling gebruik te maken. Meestal is dat je bank. De geaccrediteerde financiers staan op de website van RVO. Om de procedure te versnellen heeft de overheid met banken afspraken gemaakt over de beoordeling van kredietaanvragen. Zij kunnen toepassing van BMKB-C daarom zonder tussenkomst van RVO afhandelen.

9. Nieuwe kredietmogelijkheid voor kleine ondernemers

Voor kleine ondernemers is het in deze coronatijd heel lastig om financiële steun te krijgen. Om hen hierbij te helpen is de Kleine Krediet Corona (KKC) voor hen opgetuigd. De overheid staat hierbij voor 95% garant voor € 750 miljoen aan overbruggingskredieten voor kleine ondernemingen met een relatief kleine financieringsbehoefte (van € 10.000 tot € 50.000).

Ondernemers met een omzet vanaf € 50.000 kunnen binnenkort een beroep op de KKC-regeling doen. Naast deze omzeteis moeten zij voor de coronacrisis ook voldoende winstgevend zijn geweest en zijn ingeschreven bij de Kamer van Koophandel voor 1 januari 2019. Voldoen zij aan deze voorwaarden dan kunnen de kleine ondernemers een lening aanvragen van minimaal € 10.000 tot maximaal € 50.000 met een looptijd  van maximaal 5 jaar en een rente van maximaal 4%.

Overheid staat voor 95% garant

De overheid heeft voor deze regeling 750 miljoen beschikbaar gesteld en staat bij deze leningen voor 95% garant. De ondernemers kunnen voor de lening straks terecht bij de Rabobank, ABN AMRO, ING, de Volksbank en Triodos. Financiers die momenteel al leningen via de BKMB-regeling verstrekken, mogen via de KKC-regeling ook de leningen aanbieden. De regeling moet nog wel ter goedkeuring worden aangemeld bij de Europese Commissie. Als die goedkeuring er is kan deze regeling in werking treden. De banken hebben aangegeven dat ze – op voorwaarde van de Europese goedkeuring – half mei gereed zijn om aanvragen van ondernemers te ontvangen.

10. Banken geven uitstel voor zakelijke financieringen

Voor wie bedoeld?

Ondernemers in alle sectoren met een financiering tot 2,5 miljoen euro kunnen zes maanden uitstel van rente en aflossing krijgen op hun lopende leningen. Het gaan om de volgende banken: ABN AMRO, ING, Rabobank, Triodos Bank, de Volksbank en BNG Bank. Ook hebben de banken aangekondigd uitstel te willen geven voor het aflossen van een hypotheek of lening, alleen wordt dat per klant bekeken.

Hoe aan te vragen?

Kijk op de website van je bank wat je hiervoor moet doen.

11. Rentekorting kleine ondernemers op microkredieten Qredits (ministerie van EZK)

Voor wie bedoeld?

Microkredietenverstrekker Qredits financiert en coacht een grote groep kleine en startende ondernemers, die via de bank vaak moeilijk aan financiering komen. Te denken valt aan ondernemers in de horeca, detailhandel, persoonlijke verzorging, de bouw en zakelijke dienstverlening. Qredits stelt een tijdelijke crisismaatregel open: voor kleine ondernemers die geraakt worden door de coronaproblematiek wordt uitstel van aflossing aangeboden voor de duur van zes maanden en de rente gedurende deze periode automatisch verlaagd naar 2%.. Het kabinet ondersteunt Qredits voor deze maatregel met maximaal 6 miljoen euro.

Hoe aan te vragen?


Heeft jouw onderneming financiële problemen door de situatie rondom het coronavirus? Bel dan naar 0546-534080 of mail naar hulp@qredits.nl.
Aanvullende informatie:
Er kan hier een situatie ontstaan van rechtsongelijkheid als qredits faciliteiten biedt die andere financiers niet bieden. Wij volgen de ontwikkelingen op dit punt nauwgezet.

Ik heb vragen na bovenstaande informatie mbt de corona maatregelen.

  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.
  • 60+ kantoren
    Altijd één in de buurt!
  • 3000+ klanten
    Bent u de volgende?


Offerte aanvragen